nl en


de Roovers is een toneelspelersgezelschap dat in 1994 werd opgericht door afgestudeerden van het Conservatorium van Antwerpen.

Op school presenteerden ze werkstukken die gemaakt werden, met o.m. Lucas Vandervost, Sam Bogaerts, Jan-Joris Lamers, Ivo Van Hove, Peter Van den Eede en Dora Van Der Groen. Het gezelschap bestaat uit een vaste kern: Robby Cleiren, Sara De Bosschere, Luc Nuyens, Sofie Sente en Stef Stessel. Elke voorstelling ontstaat uit een wisselend samenwerkingsverband met andere spelers en medewerkers.

In 1994 speelden ze hun eerste voorstelling De Wilde Eend van Henrik Ibsen in een regie van Sam Bogaerts.
Tijdens de stage in Het Salon-NTG waagden ze zich al aan Caligula van Albert Camus en Witte Nachten van Fjodor Dostojewski.
Later speelden ze ook De Bezetenen waarin ze op zoek gingen naar de raakpunten tussen werk van Dostojewski en Camus. Deze voorstelling werd genomineerd voor het theaterfestival 1996.   Datzelfde jaar speelden ze ook De Rechtvaardigen van Camus in samenwerking met Maatschappij Discordia.
In 1996 maakten de Roovers Demonen III naar de roman 'The Secret Agent' van Joseph Conrad.

In 1997 werd de positie van de vreemdeling in de maatschappij onderzocht aan de hand van twee stukken van William Shakespeare (Othello en De Koopman van Ventië). Dit resulteerde in Venetië. De Roovers werden in 1997 genomineerd voor de Océ-podiumprijs.

In het seizoen 1998-1999 maakten ze Vuile Handen. In de voorstelling gebruikten ze de gelijknamige tekst van Jean-Paul Sartre en fragmenten uit 'Mauser' van Heiner Müller om de zin of onzin van engagement in vraag te stellen.
Voor de fin-de-saison van dat jaar werkten ze samen met Het Toneelhuis en de Muziekmakerij Think of One aan hun eerste-grote-zaal-productie Kasimir en Karoline.
In augustus 1999 begeleidden de Roovers samen met het Colombiaanse theatercollectief Luz De Luna in het kader van de Zomer van Antwerpen een jongerenworkshop voor Comala, een vzw die de Latijns-Amerikaanse en Europese culturen dichter bij elkaar wil brengen.

Seizoen 1999-2000 werd ingezet met De Kleine Zeemeermin, een samenwerking met jeugdtheater Bronks en Walpurgis, op basis van de bewerking die Judith Herzberg van het Andersen-sprookje maakte. Deze productie werd hernomen in januari-februari 2001.  In februari van 2000 startte de tournee van Maria Stuart naar tekst van Friedrich Schiller.
Deze productie werd uiteindelijk geselecteerd voor het Theaterfestival 2000.

In het seizoen 2000-2001 werkten de Roovers samen met Muziektheater Transparant en Prometheus ensemble aan L'Histoire du Soldat: Histoire d'A (groepsportret). Auteur Peter Verhelst bewerkte de tekst. In april-mei-juni 2001 stond Leonce en Lena van Georg Büchner op het programma, een coproductie met muziektheatercollectief Walpurgis. Peter Vermeersch componeerde de muziek voor deze voorstelling, waarin opnieuw de uitdaging werd aangegaan om muziek en woord te laten vervloeien.

In 2001-2002 speelden de Roovers Vertezucht naar tekst van van Jef Aerts (spel: Sofie Sente, Dirk Van Dijck en Luc Nuyens), Van de brug af gezien (naar A. Miller) en De Vrucht van hun arbeid, een reeks van lezingen en proefmomenten.

Het seizoen 2002-2003 werd geopend met de kindervoorstelling Metamorphosen naar de magische verhalen van Ovidius (vanaf 9 jaar). Deze voorstelling werd gespeeld door Sara De Bosschere, Luc Nuyens en Benjamin Verdonck en werd geselecteerd voor het Theaterfestival 2003. Vervolgens stond Blue-Remembered Hills op het programma, oorspronkelijk een TV-scenario van Dennis Potter voor de BBC. Aan deze productie werkten Robby Cleiren, Luc Nuyens, Sara De Bosschere, Frank Dierens, Adriaan Van den Hoof, Günther Lesage en Veerle Dobbelaere mee. Ook dit seizoen sloten de Roovers af met De vrucht van hun arbeid.

Tijdens het seizoen 2003-2004 speelden de Roovers Dat het ‘s ochtends ochtends wordt (het is geen hond) naar theatertekst van de Nederlandse schrijfster Judith Herzberg. Op scène stonden acteurs Luc Nuyens, Sara De Bosschere, Sofie Sente en Mathijs Scheepers. Verder werd tijdens dit seizoen Metamorphosen hernomen.  Drie jaar na hun eerste gezamenlijke productie De kleine zeemeermin, maakten de Roovers en Walpurgis samen Waar is thuis en hoe kom ik daar?.  Vertrekpunt was ‘de compositie voor viool en stem’ van Kurtàg waar twee redevoeringen werden tegenover geplaatst : de roman ‘Elizabeth Costello’ van Koetzee en ‘Bericht aan de academie’ van Kafka.

In de zomer van 2004, in het kader van de Zomer van Antwerpen, maakten de Roovers hun eerste locatieproject, waarbij tegelijk bestaand repertoire opnieuw werd onderzocht : Van de brug af gezien (Arthur Miller) op een betonnen vlakte in het havengebied.  Dan volgde een ‘klassieke’ repertoirevoorstellng : Professor Bernhardi, een stuk van Arthur Schnitzler uit 1912, gespeeld door Roovers Robby Cleiren, Sara De Bosschere, Luc Nuyens en Sofie Sente, samen met gastacteurs Herwig Ilegems, Mathijs Scheepers, Stijn Van Opstal en Carly Wijs.
Tijdens het seizoen 2004-05 vierden de Roovers eveneens hun 10-jarig bestaan. Om dit extra in de verf te zetten, deden ze zichzelf en het publiek een verjaardagscadeau: ze speelden opnieuw De Wilde Eend, met ongeveer dezelfde spelers: Robby Cleiren, Sara De Bosschere, Luc Nuyens, Benjamin Verdonck en, als bijzondere gast, Lucas Vandervost.
Daarnaast werkte Sofie Sente samen met Wouter Hendrickx aan een tweede locatieproject The Woods (David Mamet) ; ze speelden in het Van Lieshout-paviljoen in het Middelheimpark.  De ontmoeting tussen Sara De Bosschere, Benjamin Verdonck en filmmaker Alexis Destoop resulteerde in de poëtische kortfilm I’m happy men.

Opnieuw in het kader van de Zomer van Antwerpen ging in juli 2005 de noces / Svadebka / Het huwelijk in première, een productie van de Roovers, Muziektheatercollectief Walpurgis en het Spectra Ensemble.  De Engelse dichter Ted Hughes maakte op het einde van zijn leven een bewerking van Alcestis (Euripides).  De Roovers gaven voor het eerst in hun geschiedenis een vertaalopdracht, aan dichter/columnist Bernard Dewulf en gingen op zoek naar een hedendaagse vertaling van antieke rituelen.  In januari 2006 ging Alkestis in première.  Sofie Sente, Robby Cleiren, Luc Nuyens, Kyoko Scholiers en Wim van der Grijn speelden.
In de lente van 2006 werkten Sara De Bosschere en Maureen de Jong rond een essay van Susan Sontag, wat resulteerde in een gelijknamige voorstelling Kijken naar de pijn van anderen – report # 1.  Een 3de editie van De Vrucht van hun arbeid werd met de voltallige Rooversploeg samengesteld.

Najaar 2006 maakten Sara De Bosschere en Luc Nuyens, samen met Adriaan Van den Hoof en Veerle Dobbelaere, een 3de Judith Herzberg, nl. Merg.
In maart 2007 ging dan een eigenzinnige bewerking van All My Sons van Arthur Miller in première ; een productie met alle Roovers, Peter Gorissen, Herwig Ilegems, Maaike Neuville en Bram De Win.  In mei ging de Franse versie van de noces in première in Charleroi, in augustus volgde een herneming op de oude mijnsite van Waterschei.

Sara De Bosschere werd gevraagd door Jan Decorte en Sigrid Vinks ; dat resulteerde in een coproductie met Bloet vzw en Kaaitheater : Müller/Traktor ging op 24 oktober 2007 in première in de Kaaitheaterstudio's te Brussel.
Luc Nuyens, Leen Diependaele, Wouter Hendrickx en Carly Wijs maakten Joe's Ark van Dennis Potter ; première was 26 oktober 2007 in Monty Antwerpen. 
Maart 2008 ging de boulevardkomedie Le Dindon (Feydeau) in première in Toneelhuis/Bourla, in het kader van de Antwerpse Kleppers, met Robby Cleiren, Sara De Bosschere, Luc Nuyens, Sofie Sente, Herwig Ilegems, Warre Borgmans, Bert Haelvoet en Carly Wijs.  Het seizoen werd afgesloten met een herneming van de noces op het Oerolfestival op Terschelling (NL) van 12 t/m 21 juni 2008.

In september en oktober 2008 werd kort, en op verzoek van het Toneelhuis, Metamorphosen hernomen door Sara De Bosschere, Luc Nuyens en Benjamin Verdonck.  Op 3 oktober 2008 ging in Monty Antwerpen Quills (Doug Wright) in première ; naast Robby Cleiren, Luc Nuyens en Sofie Sente speelden Peter Gorissen en de jonge Marieke Dilles en Mattias De Meulenaere mee in dit stuk over de laatste dagen van Markies de Sade.  Op 3 maart 2009 startte in Monty de tournee van Spelen met vuur, een eenakter van August Strindberg met Sara De Bosschere, Sofie Sente, Luc Nuyens en Bert Haelvoet.  Voor de opening van het nieuwe huis voor Bronks Jeugdtheater in Brussel kropen Luc Nuyens en Sara De Bosschere nog een keer in hun houten box voor Eén minuut... wordt vervolgd (maart 2009).

Verschillende leden van het gezelschap hebben ook samengewerkt of werken samen met andere groepen zoals De Tijd, Het Salon-NTG, Maatschappij Discordia, De Onderneming, theaterMalpertuis, HETPALEIS, Lampe of Kaaitheater, Dood Paard, STAN, Walpurgis, Toneelhuis,...  Deze projecten waren en zijn nog steeds van groot belang voor de eigen groei van de Roovers.

Plannen 2009/2010
:
herneming van Eén minuut ... wordt vervolgd - opening seizoen STUK Leuven - 1-2-3 oktober 09
herneming van de noces in Tarbes (F) - coproductie met Walpurgis en Spectra Ensemble - 13 t/m 17 oktober 2009
ça brule - coproductie met De Vereniging van Enthousiasten - première 12 november 2009 - Monty Antwerpen
bakchai - coproductie met Bloet vzw en Kaaitheater - première 7 januari 2010 - Kaaitheater Brussel